Het melkvee

Op de boerderij fokt en melkt men zwart-bonte koeien van het ras Holstein-Friesian. Dit ras is ontstaan uit het Fries-Hollands ras uit Friesland, een heel melkrijk ras in die tijd. In de VS en in Canada hebben de veehouders lang die kampioenen met kampioenen gekruist om een nog betere melkgift te bekomen. In de tweede helft van de 20ste eeuw werd ze terug ge´mporteerd in Europa en nu is ze het meest gebruikte melkveeras over de hele wereld. 50 jaar terug was het een hele prestatie om een melkgift van 2 000 L/jaar per koe te hebben, nu is dit gestegen naar 8 Ó 10 000L/jaar of ongeveer 30 Ó 35 L/dag. Topkoeien kunnen zelfs 50 L per dag geven.
'den Overdraght' heeft er ongeveer 35 van. Het bijhorende jongvee of de vrouwelijke kalveren geboren uit de beste koeien krijgen ook een plaatsje op de hoeve.

Vanaf eind april, begin mei kunnen de koeien terug naar buiten. Het gras begint te groeien zodat er weer eten in de weide is en ook het weiland wordt droger na de natte winter. Tijdens de stalperiode verblijven de koeien in een loopstal. Dit wil zeggen dat ze vrij kunnen bewegen en kunnen zelf kiezen waar ze gaan liggen in de stro-ruimte.
Het belangrijkste werk dat er is bij de koeien, is dat ze tweemaal per dag gemolken worden op regelmatige uren. Daarnaast moeten ze een evenwichtig voederrantsoen krijgen om hun gezondheid en melkproductie op niveau te houden.
De meeste kalfjes worden geboren in de zomer en de herfst. De vrouwelijke of vaarskalveren blijven op de hoeve, de mannelijke of stierkalveren worden verkocht aan een handelaar en verlaten de hoeve.
Als een vaarskalf volwassen is (ongev. 16 maand), spreekt men van een vaars. Op deze leeftijd worden ze voor het eerst bevrucht. Dit gebeurt niet door een stier maar met Kunstmatige Inseminatie of afgekort KI. Zo komt de dierenarts langs met een spermabewaarketel (- 190░ C) met daarin gekleurde rietjes waarin zaadjes van verschillende stieren zitten. Nadat de boer een stierkeuze heeft gemaakt, brengt de dierenarts het gekozen sperma in de vaars. Negen maanden later krijgt de vaars haar kalf en wordt nu een koe genoemd.

De melk van de koeien voldoet aan de IKM-normen. De boer neemt vrijwillig deel aan alle verschillende regelgevingen vastgelegd in het IKM-lastenboek voor de productie van rauwe melk. Meer info hierover vind je op www.ikm.be.

Met steun van :
West-Vlaanderen
Developed by DigitalMind
Vorige
linker pijl toets
Volgende
rechter pijl toets
Sluiten Verslepen